New book: Public-private entanglement in education: mapping, understanding, and evaluation

Contemporary schooling is undergoing a significant transformation through the increased involvement of private actors, logics, and infrastructures within public education systems. The shift toward a hybrid education landscape has prompted concerns regarding the erosion of the publicness of education.
The edited volume Public-Private Entanglement in Education: Mapping, Understanding, and Evaluating addresses two core challenges emerging from this
development. Analytically, it responds to the need for frameworks capable of capturing the hybrid, multidimensional, and evolving character of public-private relations. Normatively, it explores what may be transformed or lost as public and private roles become more tightly interwoven – at a time when coherent vocabularies and comprehensive, normative frameworks for assessing these changes are absent.
Public-Private Entanglement in Education brings together contributions that offer empirical examinations, conceptual tools, and normative evaluations that illuminate how public-private configurations emerge, evolve, and reshape everyday educational work in
varied contexts, and what values are at stake. Collectively, the chapters move beyond the increasingly inadequate dichotomy of “public” versus “private,” foster crossdisciplinary dialogue, and provide insight into the drivers, logics and consequences of public-private entanglement in education.
The volume culminates in two integrative frameworks: a multidimensional model identifying organizational dimensions affected by public private entanglement, and a value framework for assessing and evaluating the resulting educational shifts. Together, they offer researchers, policy advisors, and educational practitioners tools to map,  understand, and evaluate the complex entanglement of public and private sectors in contemporary education.

Book: ZuurmondVanMontfort – Public-private entanglement in education (2026)-Complete

Introduction: CamphuijsenZuurmondVanMontfort – Public-private entanglement in education (2026)

Chapter 10 (multidimensional model and value framework): CamphuijsenZuurmondVanMontfort – Public-private entanglement in education (2026)-Zuurmond et al

Flyer: Flyer PPE in Education

Presentaties Toezichtfestival 23 juni 2026

Twee presentaties en een beknopte handreiking (Toezichtfestival, 23 juni 2026)

– Presentatie:  Responsief toezicht in en op netwerken (Melanie Ehren & Cor van Montfort)

Responsief toezicht in en op netwerken – presentatie Melanie Ehren & Cor van  Montfort (Toezichtfestival 23 juni 2026)

– Presentatie: Toezicht zonder bevoegdheden. Toezicht van wettelijke taak naar maatschappelijke opdracht (Cor van Montfort)

Toezicht zonder bevoegdheden – presentatie Cor van Montfort (Toezichtfestival 23 juni 2026)

– Beknopte handreiking: Toezicht zonder bevoegdheden ( Cor van Montfort))

Toezicht zonder bevoegdheden – een beknopte handreiking (Toezichtfestival 23 juni 2026)

Paper: The three lines of accountability model for organizational networks

Paper geschreven voor het Symposium ‘Future proof regulation’ in Den Haag, 17-18 november 2025. First draft, commentaren en aanvullingen zijn welkom.

Paper ‘The Three Lines of Accountability Model for Organizational Networks’:

Three lines of Accountability Model for Organisational Networks (RG)

Samenvatting:

Effectieve rekenschap (‘accountability [is: toezicht + verantwoording]) in en door organisatorische netwerken vereist een geïntegreerde aanpak over drie verschillende lijnen, waarbij drie perspectieven worden gecombineerd. Deze drie perspectieven zijn (1) focus op publieke waardecreatie, (2) creëren en behouden van externe legitimiteit en responsiviteit, (3) risicobeheer/controle.

Effectieve rekenschap in en door netwerken moet dan langs drie complementaire lijnen goed geregeld zijn:

  • Operationele verantwoording (1e lijn): Interne checks and balances binnen het netwerk.
  • Organisatorische verantwoording (2e lijn): Verantwoording aan en door de individuele netwerkpartijen aan hun eigen interne toezichthouders en aan externe toezichthouders.
  • Collectieve verantwoording (3e lijn): Verantwoording door het netwerk aan de bredere omgeving en belanghebbenden (stakeholders).

Rekenschap (toezicht + verantwoording) langs deze lijnen kan alleen goed van de grond komen als aan zes randvoorwaarden is voldaan:

  1. Focus op publieke waardecreatie: dat betekent consequent blijven redeneren vanuit het “eco-perspectief” (maatschappelijk probleem) in plaats van het “ego-perspectief” (de wettelijke taak van de individuele organisatie).
  2. Handelingsruimte (discretionaire bevoegdheid): Zowel netwerkdeelnemers als toezichthouders moeten – binnen kaders – de ruimte hebben om flexibil te kunnen zijn en maatwerk te kunnen leveren.
  3. Ontwikkelingsgericht: Het omarmen van ‘formatieve verantwoording’ die zich richt op leren en kwaliteitsverbetering, in plaats van alleen op beoordelen en sanctioneren.
  4. Samenwerking en coördinatie tussen en binnen toezichthouders: Dit is essentieel voor toezicht op sectoroverschrijdende netwerken om te voorkomen dat de toezichthouders tegenstrijdige toetsingskaders hanteren.
  5. Reflectief: Interne en externe toezichthouders moeten regelmatig gezamenlijk praktische uitdagingen en normen bespreken.
  6. Voldoende betrouwbare data en informatie: Het gebruik van een combinatie van ‘tellen en vertellen’ (kwantitatieve en kwalitatieve gegevens) is de basis voor elke vorm van toezicht en verantwoording.

Paper – Leren door verantwoorden

Leren door verantwoorden – Van rekenschap naar reflectie

Dit paper is een verkorte versie van het rapport, ‘Van rekenschap naar reflectie’. Eindverslag project ‘Versterking Verantwoording’, Cor van Montfort, Berit Lindemann, Nienke Kuitenbrouwer en Meike Bokhorst, Den Haag, 12 april 2021. (zie ook: https://www.cvanmontfort.com/uncategorized/vanrekenschap-maar-reflectie/)

paper Leren door verantwoorden

Toezicht, verantwoording en organisatienetwerken

De toenemende complexiteit van maatschappelijke vraagstukken vraagt om samenwerking tussen organisaties die over de grenzen van hun eigen domein werken. Het ontstaan en bestaan van deze organisatienetwerken heeft consequenties voor toezicht en verantwoording (accountability). Deze zijn van oorsprong vooral gericht op het beoordelen van individuele organisaties. We schetsen een aantal mogelijke routes naar passend toezicht en passende verantwoording op en in organisatienetwerken.

Artikel in Tijdschrift voor Toezicht 2024, nr. 2/3, p. 62-72

Van Montfort, Ehren & Kenis (2024) – Toezicht, verantwoording en organisatienetwerken

Blog 3 – Toezichtarrangementen: ontwerpprincipes en mogelijke vormen

Dit blog is het derde in een serie van drie over rekenschap in en door organisatienetwerken. Blog 1 ging over het begrip rekenschap (‘accountability’). Het tweede blog behandelde voorwaarden voor goed extern toezicht en dit derde blog gaat over interne en horizontale rekenschapsmechanismen.

De blogs zijn op persoonlijke titel geschreven maar maken gebruik van de tussentijdse resultaten van het door NWO en de Inspectieraad gefinancierde onderzoek naar toezicht en verantwoording in en door netwerken (EISON, Zie: https://www.tilburguniversity.edu/nl/onderzoek/instituten-en-researchgroepen/eison

Blog 3 – Toezichtarrangementen – ontwerpprincipes en mogelijke vormen

Blog 2 – Voorwaarden voor toezicht op en in organisatienetwerken

Dit blog is het tweede in een serie van drie over rekenschap in en door organisatienetwerken. Blog 1 ging over het begrip rekenschap (‘accountability’), dit  tweede blog over voorwaarden voor toezicht op en in organisatienetwerken en het derde over interne en horizontale rekenschapsmechanismen.

De blogs zijn op persoonlijke titel geschreven maar maken gebruik van de tussentijdse resultaten van het door NWO en de Inspectieraad gefinancierde onderzoek naar toezicht en verantwoording in en door netwerken (EISON, Zie: https://www.tilburguniversity.edu/nl/onderzoek/instituten-en-researchgroepen/eison

Blog 2 – Voorwaarden voor toezicht op en in organisatienetwerken

Blog 1 – Beschouwingen over toezicht, accountability en rekenschap

Dit blog is het eerste in een serie van drie over rekenschap in en door organisatienetwerken. Blog 1 gaat over het begrip rekenschap (‘accountability’), het tweede over voorwaarden voor toezicht op en in organisatienetwerken en het derde over interne en horizontale rekenschapsmechanismen.

De blogs zijn op persoonlijke titel geschreven maar maken gebruik van de tussentijdse resultaten van het door NWO en de Inspectieraad gefinancierde onderzoek naar toezicht en verantwoording in en door netwerken (EISON, Zie: https://www.tilburguniversity.edu/nl/onderzoek/instituten-en-researchgroepen/eison

Blog 1 Beschouwingen over toezicht, accountability en rekenschap

Toezicht in en op organisatienetwerken: paden naar passend toezicht

Het eindrapport van ons actie-onderzoek naar toezicht in en op organisatienetwerken in het domein Sociaal Wonen is beschikbaar! Samen met 7 netwerken waarbij een of meer corporaties zijn betrokken, de VTW, het Ministerie van BZK en Aedes verkenden we waar je op moet letten bij het vormgeven van toezicht in en op organisatienetwerken:

Rapport: Naar passende toezichtarrangementen voor organisatienetwerken in het domein van het sociaal wonen

Van Montfort, Kenis & Lindemann (2023) – Naar passende toezichtarrangementen voor organisatienetwerken

Tools: Toezichtscan + paden naar passend Toezicht

Toezichtscan en paden naar passend toezicht

Artikelen: Paden naar passend toezicht & bouwstenen voor intern toezicht

Van Montfort, Kenis & Lindemann (2023) – Paden naar passend toezicht

Van Montfort & Kenis (2023) – 9 bouwstenen voor intern toezicht (Handvatten voor toezicht in en op organisatienetwerken) (def)

Interviews:

Passend toezicht op lokale netwerken: levert de samenwerking op wat je wilt? Interview Kenis & Van Montfort in Aedesmagazine (2023): Passend toezicht op lokale netwerken (aedesmagazine.nl)

In je omgeving ligt je bestaansrecht (interview Kenis & Van Montfort, Platform 31, april 2023, p. 50-51): Magazine Meer bereiken met organisatienetwerken def

Het onderzoek wordt de komende jaren in het EISON-project voortgezet (zie bericht van 21 juni 2021) en uitgebreid met een brede waaier aan typen netwerken in de domeinen Onderwijs (Passend Onderwijs), Veiligheid, Zorg en Sociaal Wonen. Voor informatie zie:

Welcome to EISON! | Tilburg University

 

publicatie rapport en tools ‘Verduurzaming van Publieke Waarde door samenwerking in het mbo’

Het NRO-onderzoek ‘Verduurzaming van Publieke Waarde door samenwerking in het mbo’ is gepubliceerd.

Naast het Eindrapport omvat de opbrengst elf casusportretten, een literatuuronderzoek samenwerkingsverbanden en een paper over de juridische vormgeving van samenwerking.  Ook geeft het de praktijk inzichten en handige instrumenten zoals de praatplaat, tijdlijn-tool en een samenwerkingsscan.

Zie ook: www.hsvmbo.nl

Bij de onderzochte cases (11 samenwerkingsverbanden waar een mbo-instelling is betrokken) zijn de volgende factoren sterk richtinggevend zijn geweest voor het verloop van de horizontale samenwerking:

  • het design. Bij het ontwerpen van de samenwerking is het vooral van belang dat alle relevante partijen aan tafel zitten en dat het governancemodel (verdeling van taken, rollen en verantwoordelijkheden) past bij de aard van de samenwerking die bijvoorbeeld formeel of informeel, strategisch of operationeel, dwingend of vrijblijvend kan zijn.
  • de randvoorwaarden. Daarbij springt met name de wendbaarheid – het kunnen inspelen op veranderingen in vraag en vraagstukken – als belangrijke randvoorwaarde voor succesvolle samenwerking er uit.
  • de essentiële drivers. Vier drivers blijken in het bijzonder van belang te zijn om samenwerking duurzaam tot een succes te maken:

– prikkels die samenwerken aantrekkelijk maken;

– een gevoel van urgentie voor samenwerking bij alle deelnemers;

– voldoende gedeelde belangen om de samenwerking op gang te houden;

– een positieve dynamiek, dat wil zeggen onderling vertrouwen, enthousiasme en een informele cultuur.

Deze factoren hebben vooral in onderlinge samenhang hun uitwerking gehad. Anders gezegd: alleen een gevoel van urgentie is in de casuïstiek niet voldoende. Ook dan moet sprake zijn van een relevant design en van randvoorwaarden die de horizontale samenwerking op passend wijze faciliteren.